Inbeslagname

Uit Wiki handhaving

Ga naar: navigatie, zoeken

Krachtens artikel 94 Wetboek van strafvordering mogen die voorwerpen in beslag worden genomen, die kunnen dienen om de waarheid aan de dag te brengen of om wederrechtelijk verkregen voordeel aan te tonen. Verder goederen die aan het verkeer kunnen worden ontrokken (voorwerpen die niet gewenst zijn in het maatschappelijk verkeer, b.v. een wapen) en goederen die verbeurd kunnen worden verklaard. Inbeslagneming is niet nodig wanneer de eigenaar een voorwerp vrijwillig afstaat.

Bij inbeslagneming gaat het om voorwerpen waarmee strafbare feiten zijn gepleegd, bijvoorbeeld omdat ze nodig zijn voor het bewijs of omdat ze gevaarlijk zijn (o.a. wapens en drugs). Ook omdat ze verkocht kunnen worden om de criminele winsten af te romen (auto's, huizen, jachten, etc.) Dit beslag geschiedt in opdracht van de officier van justitie. Ook geldbedragen kunnen in beslag worden genomen.

Als een opsporingsambtenaar een goed inbeslag wil nemen dient hij twee vragen te stellen: 1. Is het voorwerp vatbaar voor inbeslagnemen? (Eén van de vier bovengenoemde gronden, waarheidsvinding is de meest voor de hand liggende) 2. Ben ik bevoegd? Als beide vragen met JA kunnen worden beantwoord mag de opsporingsambtenaar tot inbeslagneming overgaan. De bevoegdheid is in de volgende gevallen aanwezig: Bij het staandehouden van een verdachte: de goederen die zichtbaar worden meegevoerd. Bij het aanhouden van een verdachte: de goederen die zichtbaar worden meegevoerd alsmede de goederen die worden aangetroffen bij een onderzoek aan de kleding. Bij het onderzoek ingeval van ontdekking op heterdaad van een strafbaar feit. In geval van buiten heterdaad in die gevallen waar voorlopige hechtenis is toegelaten. (artikel 67 Wetboek van strafvordering) En als het goed vrijwillig wordt afgegeven.

Gerelateerde onderwerpen

Minder specifiek

Persoonlijke instellingen